De oase van Carolien

Carolien van Gorkum vertelt over vroeger en de periode dat ze boven de Oasebar woonde.

Reading time 5 minutes

The story of
Carolien van Gorkum (1950)
Categories
Stories Baankwartier
De oase van Carolien

Carolien van Gorkum is een onvervalste Rotterdamse. Geboren en getogen in het Oude Westen, woont ze nu alweer bijna veertig jaar in de wijk Cool. Heerlijk midden in de stad. De eerste periode schuin boven de Oase Bar, het vermaarde café van de broers Valkhoff, tegenwoordig richting het Vasteland. Een auto heeft ze niet; ze doet alles op de fiets. Ook vandaag is ze door de kou op haar rijwiel naar de Bazar gekomen, ze moet straks nog naar de schilderles.

De oase van Carolien

Krulspelden in

Carolien bestelt een koffie. “In 2000 heb ik hier mijn vijftigste verjaardag gevierd.” vertelt ze enthousiast, “Dat was heel leuk. We hadden een speciaal prijssie met eten en drinken.” De Oase Bar in de Schilderstraat, het verlengde van de Witte de Withstraat, stond in die tijd wat minder goed bekend. Ondanks de mindere reputatie van de bar had Carolien een goede relatie met toenmalige eigenaresse Judith. Jarenlang dronken ze beiden koffie bij buurvrouw Nel. Krulspelden in. “Fijn wijf was dat. Een echte Rotterdamse weet je wel?” Door Judith heeft Carolien de andere zijde van de horeca meegemaakt. “Een keiharde wereld. Ik heb er veel van geleerd, je laat je geen knollen voor citroenen meer verkopen. Ik heb wel respect voor die vrouw gekregen. Daarom ben ik ben niet naar die nostalgische voorstelling met Joke Bruijs en Gerard Cox over de Oase Bar in het theater gegaan. Ik kende de andere kant.”

Privéconcert in de portiek

Ze wil er verder niet teveel over zeggen. Het waren hardwerkende mensen, maar alles eist zijn tol. “En toch,” zegt Carolien, “ze hebben een grote bek, maar je kan wel bij ze terecht als er iets aan de hand is.” Toen ze net in de Schilderstraat kwam wonen runden de gebroeders Valkhoff de bar nog. “Ja, ik zat in de sfeer. Ik moest altijd door die deur, daar stonden Japie de portier en alle taxi’s.” Herinneringen aan Sjaan de zingende barjuffrouw, Riet die op alle platenhoezen van de Oasebar stond. Een praatje met Arie en Riet op de trap of een bakje koffie bij hun thuis. Dat het liedje Japie de Portier door Jaap Valkhoff in vijf minuten was geschreven en insloeg als een bom. Carolien heeft nog een anekdote: “Soms kwam Arie met zijn accordeon terug van zijn werk en zei hij: “Zal ik nog effe een deuntje spelen?” Hadden we een privéconcert in de portiek. Dat was leuk.”

Olé Guapa

Carolien houdt van zingen en muziek. Ze vertelt over haar vriendinnetje van vroeger, Gerda, die accordeon speelde. “Olé Guapa,” ze doet haar hand voor haar mond, “O, wat vond ik dat mooi!” Er woonden veel muzikanten in de sociale wijk het Oude Westen zoals An van Buuren, later een bekende jazz-zangeres of Leo Kuiper haar buurjongen die later met Sugar Lee Hooper op tournee ging. En met Koninginnedag kwamen ze allemaal naar buiten. “Koninginnedag als vroeger? Ja, dat was feest! Je opmaken, een mooi jurkie en lakschoenen aan. De straten waren versierd met vlaggetjes en de mensen dansten op straat. Overal op stoepies werd muziek gemaakt.” Ze geniet zichtbaar van de herinnering. “In de straten werden spelen georganiseerd met een klein prijssie. Je leefde er echt naartoe!”

De oase van Carolien

Het Hertenkamp: Het Weena was lange tijd een grote open vlakte.In de jaren zestig verrezen het Hilton hotel en het Weenagebouw, waarna het vlakte nogmaals veranderde in een bouwput voor de aanleg van de metro. Nadat deze werkzaamheden in 1968 werden beëindigd werd op het metrotracé een parkje aangelegd, naar de toenmalige wethouder het Worstbos genoemd. Aan de overzijde bevond zich een hertenkamp. Deze weinig stedelijke situatie eindigde in de jaren ’80. Hoogbouw verrees op de open plekken. Op de plaats van het hertenkamp kwam het Plazacomplex (Ellerman, Lucas, Van Vugt, 1984-1992) met een winkelpassage, het casino, kantoren en woningen.

Niet kapot te krijgen die mensen!

Later, toen ze eens bij een fototentoonstelling op het Hertenkamp (zie inzet) ging kijken, liep Carolien tegen een foto aan waar haar moeder opstond. Ze schrok ervan, want haar moeder was al overleden. Maar de foto was zo mooi. “Helemaal alleen staat ze op de foto. Te dansen in de Gaffelstraat. Ze zag er happy uit. Terwijl mijn moeder het zo zwaar had. Ze moest in haar eentje vijf kinderen opvoeden. Niet kapot te krijgen die mensen!” Carolien zucht als ze eraan denkt. Zelf heeft ze ook veel en hard gewerkt.

De oase van Carolien

Een vernuftig dimafon

“Ik begon op 20-jarige leeftijd bij het Dagblad Scheepvaart. Eerst in de kantine en toen ben ik langzaam opgeklommen tot de redactie. Daar moest ik alle schepen die aankwamen en vertrokken noteren. Dat gebeurde met behulp van een dimafon met daarop een soort langspeelplaat. Als de havendienst belde om de schepen door te geven, moest ik een pedaal indrukken en dan werd het bericht opgenomen op de plaat. Daarna moest ik het bericht uitwerken met de typmachine. De hele morgen was ik daarmee bezig. Tikken tikken en dan tsjing!” Na een tijdje werken op de redactie was Carolien een lopende encyclopedie. Ze wist precies welk schip bij welke maatschappij hoorde. “Ik had wel duizenden schepen in mijn kop zitten. Dat is een tijd geweest joh!”

De oase van Carolien
De oase van Carolien

Carry on...

Carolien maakte daarna een carrièreswitch en ging werken als sociaal cultureel werkster voor gastarbeiders. “Dat was heel enerverend zeg maar.” Bij de Bouman Kliniek heeft ze als therapeut gewerkt. Echter de enige die ze nu nog helpt, is zichzelf, zegt ze gekscherend. In de horeca, op de markt, echt van alles heeft ze gedaan. “Ik had ook een mooie groene carry! Die mocht ik gratis stallen achter de Schilderstraat in het hofje.” Ze laadde de bakfiets met Koninginnedag vol met spulletjes om ze tegenover de Wibra (hoek Westblaak/Karel Doormanstraat) te verkopen. “Niet te ver, want het was zwaar trappen hoor!” Ze vindt het jammer dat ze de fiets heeft verkocht, maar op een gegeven moment mocht de carry er niet meer staan.