Zomerhofkwartier

Het Zomerhofkwartier, tegenwoordig vaak ZoHo genoemd, werd grotendeels verwoest tijdens het bombardement en de brand van mei 1940.

Leestijd 8 minuten

Locatie
Atlas Buoy 0.00E 0.00N
Categoriën
Buurten Zomerhofkwartier
Zomerhofkwartier

Overzicht over het Zomerhofkwartier met scholencomplex Technikon, Gebouw Katshoek en de RAC-garage.

Stadsarchief Rotterdam

Het Zomerhofkwartier, tegenwoordig vaak ZoHo genoemd, is grofweg het gebied begrensd door de Schiekade in het zuidwesten, de Teilingerstraat in het noordwesten, de Noordsingel in het noordoosten en Hofplein en Pompenburg in het zuidoosten. Het gebied werd grotendeels verwoest tijdens het bombardement en de brand van mei 1940. In de wederopbouw van de stad nam het een weinig prominente plek in, waarbij de geïsoleerde ligging ten opzichte van het centrum en de bestemming als kantoor- en bedrijvencentrum een grote rol hebben gespeeld. In publicaties over de Wederopbouw van Rotterdam wordt het Zomerhofkwartier volledig genegeerd.

Het gebied heeft al vanaf 1900 veel te lijden gehad van grootschalige infrastructurele ingrepen. Zo werd het doorsneden door twee spoorlijnen: het Luchtspoor en het Hofpleinlijnviaduct. Na de Tweede Wereldoorlog kwam de brede Heer Bokelweg als beoogde toegangsweg vanaf het zogenaamde Rottetracé dwars door het gebied. Ook het gebruik van het Stroveer voor een vliegveld -het Heliport voor helikoptervluchten- deed de samenhang geen goed.

Toch moet er ooit een soort buurtgevoel zijn geweest, want in 1935 werd een eigen voetbalclub opgericht, De Zomerhof Boys (DZB), die zijn clubavonden in een café in de Teilingerstraat hield. DZB voetbalt sinds 1989 in Zevenkamp en fuseerde in 2000 met Xerxes. Het iets ruimer gedefinieerde gebied rond de Zomerhofstraat, dat loopt tot de Bergweg, heet sinds de stadsvernieuwing Agniesebuurt.

Zomerhofkwartier

Maquette uit 1970 van het Rottetracé en de sanering van Rubroek en Crooswijk. Rechtsonder gebouw Katshoek.

Stadsarchief Rotterdam

Spoorwegviaducten

Een belangrijke ingreep in de buurt was de bouw van het viaduct voor de spoorlijn tussen het Hofplein en Scheveningen voor de Zuid-Hollandsche Electrische Spoorweg-Maatschappij (ZHESM) vanaf 1900. Met de aanleg van de Randstadrail in 2006 verloor het Hofpleinviaduct zijn functie. Het bijna twee kilometer lange betonnen viaduct, waaronder in de loop der tijd pakhuizen, winkels en bedrijven zijn ingebouwd, is inmiddels rijksmonument en onder de naam Hofbogen een nieuw leven begonnen. Wat ooit een luidruchtig en vervuilend element dwars door de wijk was, is na een korte periode van verloedering op weg de High Line van Rotterdam te worden. Het kopstation aan het Hofplein werd doorsneden door een ander viaduct van de spoorlijn tussen Rotterdam en Antwerpen. Dit Luchtspoor is deels vervangen door een tunnel, maar vormt nog steeds een barrière tussen Zoho en het centrum. De spoorbrug over de Schiekade is een visuele sta-in-de-weg, net als het Shellgebouwencomplex aan het Hofplein. De brede verkeerswegen en het verkeersplein Hofplein vormen een fysieke barrière.

Voorloopig voor een periode van tien jaar is het terrein tusschen de Zomerhofstraat en de Noordsingel vrijgemaakt voor de vestiging van noodgebouwen, hetgeen is te danken aan het ingrijpen van dr. J.A. Ringers, den Algemeen Gemachtigde voor den Wederopbouw, die op deze wijze tegemoet wilde komen aan de wenschen van gedupeerde zakenlieden, die in de stad aanvankelijk geen grond konden krijgen voor de voortzetting van hun bedrijven. (…) Het terrein tusschen de Zomerhofstraat en den Noordsingel zal voornamelijk worden bestemd voor de vestiging van kleine industrieele ondernemingen, doch bovendien komt er een feestgebouw en -zijn wij goed ingelicht- een noodkerk van de Christelijke Gereformeerde gemeente, waarvoor architect H. Sutterland uit Overschie een plan heeft ontworpen.

Rotterdamsch Nieuwsblad 20 maart 1941

Zomerhofkwartier

De noodbedrijven aan de Benthemstraat in 1942.

F. Grimeyer/Stadsarchief Rotterdam

Amerikaans

Al snel na het bombardement werd het gebied toegewezen als bedrijventerrein en bebouwd met noodbedrijfsgebouwen. Stichting 1940 financierde deze noodbebouwing ter compensatie van de verloren bedrijfsruimte in de binnenstad. Omdat de noodgebouwen op de bestaande funderingen werden geplaatst bleef het stratenpatroon in grote lijnen gehandhaafd. Het feestgebouw Palace (1941) was een vreemde eend in de bijt, maar voorzag wel jarenlang in een behoefte. Volgens een krantenbericht uit 1947 moet het een merkwaardig on-Nederlands gezicht zijn geweest in de Schoterboschstraat.

Een tikje fantasie en het kon een straat zijn in één der vele kleine stadjes van het Amerikaanse middenwesten. Lage loodsen van gegolfd plaatijzer, de ruwe-bolster-blanke-pit-mentaliteit van de mensen in die loodsen; een penetrante, energie prikkelende benzinegeur en de van levensvreugde tintelende klank van metaal op metaal. Een provisorisch en onregelmatig wegdek, maar juist door dit gebrek aan regelmaat, even prettig aandoend als de openhartige, asymmetrische trekken van volk en landschap achter de Rocky Mountains. En toch bevindt de straat zich niet in het zorgenloze land van de eeuwige dollarzon, maar in het deviezenloze land van de “wisselende bewolking”. Een Rotterdamse straat, waar op Amerikaanse wijze wordt aangepakt.

Het Vrije Volk 17 mei 1947

Zomerhofkwartier

De Schoterbosstraat met het noodgebouw van schildersbedrijf Damco nabij de hoek van de Hofdijk.

Gerard Roos/Stadsarchief Rotterdam

Zomerhofkwartier

In 1965 werd gebouw Palace nogal bruut verbouwd.

Jan Voets/ANEFO/Nationaal Archief

Bedrijfsgebouwen

Zoals vele noodvoorzieningen bleef het industriewijkje langer dan tien jaar in gebruik. In plaats van de functies “bedrijvigheid, bijzondere bebouwing e.d.” van het Basisplan werd het gebied ten noordoosten van het viaduct vervolgens aangewezen als bedrijventerrein. Vanaf begin jaren zestig werd het gebied tussen Teilingerstraat, Zomerhofstraat en Almondestraat perceelsgewijs bebouwd voor grote en kleine ondernemingen, met een opmerkelijke variatie aan gebouwen in alle soorten en maten. Aan de Zomerhofstraat bouwde de Coöperatie de Vooruitgang een enorme broodfabriek ter grootte van een heel bouwblok (1963-1967). Er tegenover kwamen kleinere bedrijven in een L-vormig bouwblok met een deels uniforme gevel. Aan de Teilingerstraat lagen de twee grotere bedrijfspanden van Kramer en Röder (1962-1965) en De Lange en Reek (1962-1965) in het verlengde van de forse volumes van de Nationale Levensverzekeringsbank (1941-1949). Een keur aan typisch Rotterdamse architecten was erbij betrokken: A. Krijgsman, K. Landers, Corn. Elffers, L. Kolpa, J.A. Lelieveldt, W. Fiolet, D. Dürrer en Herman Haan. In en op de gebouwen waren beelden en mozaïeken van Johannes van Reede, Loekie Metz en André Volten.

Langs de Heer Bokelweg kwam grootschaliger bebouwing, zoals het verzamelgebouw voor industriële bedrijven Katshoek (1959-1969) van Aannemingsmaatschappij Voormolen en de RAC-garage (1958-1963). Beide gebouwen werden ontworpen door Maaskant Van Dommelen Kroos en Senf. De RAC-garage werd in 1998 verbouwd tot Gemeentearchief.

Zomerhofkwartier

Overzicht over het Zomerhofkwartier met scholencomplex Technikon, Gebouw Katshoek en de RAC-garage.

Stadsarchief Rotterdam

Zomerhofkwartier

Kerken en scholen

Behalve bedrijfsbebouwing waren er enkele kerken in het gebied: de bescheiden Gereformeerde Kerk (1949-1953) van M.C.A. Meischke naast de Nationale, de Chr. Gereformeerde Rehobothkerk aan de Noordsingel (1951) van H. Sutterland en de grote rooms-katholieke Bosjeskerk (1954) aan de Hofdijk van Hendriks Van der Sluys & Van den Bosch (gesloopt in 1991). Scholenbouw nam ook een belangrijke plek in het gebied in. Tussen 1957 en 1960 werd de Keucheniusschool van architect Kammer langs de Heer Bokelweg gebouwd. Vanaf 1955 werden de plannen voor een concentratie van beroepsscholen steeds concreter. Uiteindelijk opende in 1970 het grootschalige Technikoncomplex van Maaskant, compleet met sporttoren en theater. Aan de Noordsingel werd in 1965 de Horecavakschool geopend, ontworpen door Hendriks Van der Sluys & Van den Bosch.

Hoewel niemand in de toekomst kan zien en de Sabena en Rotterdam dus voorlopig op proef werken, hebben beide partijen veel vertrouwen in een redelijke bezetting van de nieuwe dienst. De Sabena biedt de Rotterdamse zakenman immers een tijdwinst van ruim anderhalf uur. Deze tijdwinst krijgt de passagier “gratis”, omdat een helicopter-reis Rotterdam-Brussel net nog iets minder zal kosten (circa 25 gulden) dan de prijs van de bustocht Rotterdam-Schiphol en de vliegtocht Schiphol-Melsbroek (Brussel).

De Volkskrant 25 april 1953

Zomerhofkwartier

Grote belangstelling voor de eerste helikoptervlucht op Heliport op Opbouwdag 1953.

Stadsarchief Rotterdam

Heliport

In 1953 werd op een terrein van 110 bij 110 meter aan de Hofdijk het Heliport geopend, een vliegveld speciaal voor helikopters. Er was een directe verbinding van de Belgische luchtvaartmaatschappij Sabena met Brussel. Helikoptervluchten waren eigenlijk nauwelijks rendabel, maar Rotterdam kreeg nog geen toestemming voor een eigen vliegveld en kwam met deze creatieve oplossing om te concurreren met Schiphol. Het was een merkwaardig gezicht, die opstijgende helikopters midden in de stad.

In 1965 werd Heliport gesloten en gingen de helikoptervluchten naar Zestienhoven. De Ahoy-hallen werden naar het terrein verplaatst, waar tentoonstellingen en manifestaties plaatsvonden. Zoals de Femina, de jaarlijkse vrouwenbeurs, en de Hippy Happy Beurs voor tieners in 1967, met optredens van Pink Floyd, de Bee Gees en Jimi Hendrix. Na de opening van sportpaleis Ahoy in 1970 verdwenen de hallen.

Zomerhofkwartier

De Ahoy-hallen aan de Hofdijk, met op de achtergrond de RAC-garage, de Rosaliakerk en de bebouwing langs de Rechter Rottekade.

Stadsarchief Rotterdam

Wolkenkrabber

Al in 1969 waren er plannen voor een wolkenkrabber op het terrein. Het project was deel van de beoogde grootschalige sanering van het Oude Noorden en Rubroek in het kader van de aanleg van het Rotte-tracé, een verhoogde verkeersweg boven de Rotte die de snelweg naar Utrecht zou verbinden met het centrum.

“Stedebouwkundig gezien is bovendien dit terrein een uitgesproken plaats voor een zeer hoog gebouw dat een accent geeft aan het Rotterdamse stadscentrum. Rotterdam kan dus met het wereldhandelscentrum, het gebouw van Overbeek aan het Marconiplein en het hoge gebouw op het Heliport-terrein op een volkomen harmonische manier op drie „fronten” de noodzakelijke schaalvergroting bereiken.”

De Tijd De Maasbode 11 april 1969

Toen de plannen voor het Rotte-tracé begin jaren zeventig na grootscheepse protesten van bewoners van het Oude Noorden en Crooswijk terzijde werden geschoven, werd gekozen voor kleinschalige woningbouw op het Heliportterrein. In 1983 was het complex van 584 woningen van architect Jan Verhoeven, dat in de volksmond Klein-Volendam of het Kabouterdorp wordt genoemd, klaar. Langs de Rotte was al vanaf 1978 kleinschalige stadsvernieuwing gebouwd; op het puntje van de Rechter Rottekade bleven twee woningen over, die zowel het bombardement als de stadsvernieuwing hebben overleefd.

Zomerhofkwartier

De kleinschalige woningbouw van Jan Verhoeven aan de Hofdijk.

Stadsarchief Rotterdam

Zomerhofkwartier

Zoho

Langzaam maar zeker trokken de oorspronkelijke bedrijven uit het Zomerhofkwartier. Anno 2018 is nog maar één van de oorspronkelijke ondernemingen in zijn gebouw gevestigd: Aannemersbedrijf Hartman & Zn. Er voor in de plaats kwam een grote variëteit aan bedrijven en bedrijfjes, variërend van garages tot een fitnessclub en kerkgemeenschappen. In de grotere gebouwen trokken creatieve ondernemers, die het Zomerhofkwartier omdoopten in ZOHO. De broodfabriek werd het Gebouw en met opzichtige blauwe dazzle-painting beschilderd. Het voormalige bedrijfspand Waalveem NV (1967) is deels geel beschilderd en heet nu het Gele gebouw. Partycentrum Palace brandde in 2013 af en op de vrijgekomen grond kwam in 2014 een merkwaardige nieuwkomer: het veganistische restaurant Gare du Nord in een Oost-Duitse treinwagon. Een alternatieve markthal, Marché 010, werd geen succes. Wel zijn er verschillende horecaondernemingen, die tezamen met de horeca in de Hofbogen voor een nieuw elan zorgen met foodfestivals en andere culturele activiteiten. Eind 2017 heeft woningcorporatie Havensteder, de eigenaar van de meeste gebouwen, een tender uitgeschreven voor de vernieuwing van de wijk.